1640, 7 augustus. Bremen

De “Chronik von Bremen” van Peter Koster (1640-1710) beschrijft Hanskens kunsjes. De olifant was in augustus 1640 in de Langenstrasse in Bremen te zien. Voor het eerst wordt genoemd dat de olifant ook een pistool afschoot. Koster werkte aan zijn kroniek in de jaren 1680. Welke bron hij gebruikte voor de vermelding van de olifant is niet bekend. Vóór hij zijn kroniek liet binden, had hij een onbekende tekenaar gevraagd illustraties te maken. Een daarvan betreft de olifant. De illustratie is gemaakt op basis van de beschrijving en geen realistische weergave van Hansken (1). De eerstvolgende bekende plaats is Groningen, waar de olifant begin november aankomt. Negen jaar later moet Hansken nog een keer in Bremen zijn geweest.

1) [Anno 1640] “Am 7. Augusti und folgende tage war alhie in Henrich Wubbenhorstes Hause an der Langenstrassen ein Elephant für Geld zu sehen, so 10 Jahre alt, 9 Fuess hoch, 22 Fuess lang und 16 Fuess dicke war, welcher dann auch allerhand Kunste mit seinem Rüssel oder Schnabel thun konte, als Geld von der Erden aufzuheben, mit einem Degen zu fechten und wunderliche Streiche zu thun, item eine Pistole loss zuschiessen und andere Sachen von Wasser tragen und dergleichen, so wunderlich anzusehen waren.” Uit: P. Koster, Chronik von Bremen, Staatarchiv Bremen, 2-P.1 Nr. 240, geciteerd in: P. Koster, H. Müller, Chronik der Kaiserlichen Freien Reichs- und Hansestadt Bremen 1600–1700, Bremen 2004, p. 79. Op p. 77 is de aquarel van de olifant afgebeeld, Kosters kroniek, fol. 100.

h2-ill5-bremen-h2detailspread

Foto gepubliceerd met toestemming Staatsarchiv Bremen.

F. Peters, Freimarkt in Bremen. Geschichte eines Jahrmarkts, Bremen 1962, p. 83, citeert uit de kopie van Kosters kroniek van na 1833 (Staatarchiv Bremen, 2-P.1 Nr. 241). Een foto uit die kopie is hieronder afgebeeld. Dezelfde passage volgens deze kopie: “Am 7 Augusti und folgende tage war alhir in Henrich Wubbenhorstes Hause an der Langenstrasse ein Elephant für Geld zu sehen, so 10 Jahr alt, 9 Fuess hoch, 22 Fuess lang und 16 Fuess Dicke war, welcher dann auch allerhand Künste mit seinem Rüssel oder Schnabel thun konte, Alss Geld von der Erden auffzuheben, mit einen Degen zu fechten und wunderliche Streiche zu thun, item eine Pistole loss zu schiessen und andere Sachen von Wasser tragen und dergleichen, so wunderlich anzusehen waren.”

Uit de kopie van Kosters Bremer Chronik, p. 67

Uit de kopie van Kosters Bremer Chronik, p. 67

Uit de kopie van Kosters kroniek van Bremen, p. 68.

Uit de kopie van Kosters kroniek van Bremen, p. 68.